'Nooit zou ik mezelf communist noemen' - Renske Leijten
Democratie voorkomt dat je vrijheid vertrapt wordt
Het kwam niet door de zomerse vakantietijd dat ik terugdacht aan mijn liftvakantie door Tsjechië. Dat kwam door het grote BOOS-gesprek van Tim Hofman met Bob Scholte. Beiden heren meen ik te kennen, zeker in hun visies op wat links is. Ik overdrijf natuurlijk wanneer ik zeg dat Bob al voor zijn tiende verjaardag rondliep bij de jongeren van de SP, maar zo jong als hij was, zo radicaal was hij in het kwadraat! Dat iemand zich openlijk communist noemt en tegelijkertijd ver komt met zijn bereik, dat vind ik fascinerend. Mede door zijn opzienbarende mediaplatform, groeit de interesse in Bob en zijn achtergrond. Een goed gesprek tussen twee linksen, daar zwengelde ik mijn podcast wel even voor aan. En dacht daarbij terug aan een vakantie in Tsjechië.
In mijn laatste studentenzomer ging ik op bonnefooi liften in Tsjechië. Het was een geweldige tijd. Als lifter kom je op plekken en je spreekt mensen die je als toerist nooit treft. Zo stapten we bij een man in een spiksplinternieuwe Skoda, met bungelend aan zijn achteruitkijkspiegeltje een afbeelding van Lenin.
Natuurlijk was hij voor de toetreding tot de EU, maar van de oude communistische tijd kon het Westen nog een hoop leren. “Als mensen werk hebben, dan staan ze ergens voor op, dan halen ze trots uit wat ze maken en verdienen. De werkeloosheid is een ramp voor de jongere generatie. Kapitalisten lopen alleen maar achter geld aan, achterlijk gedrag.”
Of de oude boer die voor ons kilometers omreed, omdat waar we verder wilden liften volgens hem geen plek was ‘waar je als vrouw wilt staan’. In gebrekkig Duits maakte de boer helder tegenstander van de toetreding tot de EU te zijn, hij zag het somber in te kunnen voldoen aan zoveel onnodige regels. Maar het einde van het communisme was een zegen: “Nu zijn we vrij om zelf te bepalen wat we verbouwen!” Hij verdiende eindelijk geld voor nieuwe machines.
Samen met mijn reisgenoot, die ik kende van de SP-jongeren, behoorden we tot de harde kern van links – vonden we zelf in elk geval. We kregen opleidingen binnen de SP, over de ideologie en strategie, en inmiddels waren we zelf trainers bij de jongeren. In het Tsjechië van 2004, net lid van de EU, vonden we overal voldoende gespreksstof als we vertelden dat we van de Nederlandse socialistische partij waren.
De democratie was jong in het land en de toetreding tot het economische EU-blok maakte de tongen los. Overal spraken we over politiek. Over de gevolgen van kapitalisme op de samenleving (werkeloosheid, woningnood, hoge prijzen), maar ook over de vrijheid van na het communisme.
Het gesprek dat in mijn geheugen gegrift staat, hadden we al op de heenreis. De trein trok van Berlijn naar Dresden en we zaten in de coupe met een Oost-Duitse opa en zijn kleindochter. Zij had onze leeftijd en zei ronduit dat ze verlangde naar de communistische tijd. Haar grootvader trok zijn wenkbrauwen op, maar zei niets.
‘Naar het communisme wil ik nooit meer terug’
Hij liet zijn kleindochter vertellen over de werkeloosheid en het drugsgebruik onder haar leeftijdsgenoten. Ze verzuchtte dat huizen niet te vinden waren en dat iedereen slaaf van het geldtekort was geworden. Hij hield zijn hoofd schuin en had duidelijk mededogen met de positie van zijn kleindochter. “Ik werk op de universiteit, maar verdien veel te weinig om gewoon te kunnen leven. Dit was echt beter in de communistische tijd”, zei ze en keek voor bevestiging naar grootvader.
Hij keek naar haar, keek naar ons. In de stilte werd de spanning opgebouwd. De man die zijn hele leven in het communisme leefde, haalde diep adem. “Met veel verdriet zie ik hoe het nu gaat. Het grote geld drukt veel mensen naar de randen en daar is het niet fris om te moeten leven.” Nu schudde hij zijn hoofd en zei zacht: “Maar nee, naar het communisme wil ik nooit meer terug. Ook al we hadden werk en een woning, we waren we niet vrij.” Hij keek ons één voor één aan. “Vrijheid is iets wat je niet kan vastpakken, maar als je het niet hebt, dan voel je het bij alles wat je doet.”
Nooit zou ik mezelf communist noemen. De verdrukking door de staatsmacht, zoals die is uitgeoefend communistische landen, heeft me altijd doen gruwelen. Maar een cheerleader van het bloedige kapitalisme ben ik zeker ook niet. Ik geloof niet in de macht van het geld, al zie ik dat die er is.
Absoluutheid van ideologieën (en religies) kan enkel bestaan bij onderdrukking van alles wat vreemd is en dat beperkt de veelzijdigheid van onze soort. “Laat honderd bloemen bloeien”, zei Mao ooit, in een poging het communisme onder zijn leiding te liberaliseren. Maar de vrijheid die even om de hoek kwam kijken, eindigde al snel een bloedige slachtpartij van iedereen die niet in de pas liep.
Bent u al bekend met ons concept? Een afdrachtsregeling in de vorm van een abonnement houdt NN vrij, onafhankelijk, breed en kritisch:
Of doneer eenmalig:
Iedereen een stem. Iedere stem evenveel waard
Al die nachten voor ideologische discussies, al die interpretaties die ik heb gezien, gelezen en gehoord van liberalisme, communisme, kapitalisme, nationalisme, hebben me op het pad gebracht van geloof in onze soort. Humanist, noem het utopisch of naïef, maar ik geloof niet in het calvinistische juk dat zegt dat we gedoemd zijn tot al het kwaad. Maar één mens kan niet bestaan, simpelweg omdat je niet boer, loodgieter, onderzoeker, betonvlechter, verpleegkundige, journalist of docent in één kan zijn.
Nee, ook jij niet beste lezer. We hebben elkaar nodig, alleen redt niemand het – hoe goed gevuld je portemonnee ook is. We zijn individuen met intrinsieke waarde binnen een geheel, dat vereist regels. Om te voorkomen dat je dan toch weer vertrapt wordt door één machtige (met ‘het’ woord, geld of idee), is daar de democratie. Iedereen een stem. Iedere stem evenveel waard. Democratie.
De premisse van democratie is vrijheid: vrij om de keuze te maken die jij wil. Vrij om te veranderen van die keuze. Democratie is veel meer dan het stemhokje. Het is de vrijheid je te mogen bemoeien met de samenleving, als onderdeel van die samenleving. Niemand die jou dat recht mag ontzeggen. Recht om je te organiseren. Vrijheid om je te informeren. En let wel: om als individu vrij te zijn hoort ‘de macht’ controleerbaar te zijn, en kan ‘de macht’ vervangen worden.
Het gesprek tussen Hofman en Scholte neigde soms spannend te worden. De clash over de betekenis van woke, daar is natuurlijk van te smullen. Maar toch een beetje sleets aan het worden. Het wijzen op het falen van het ándere systeem, vindt direct zijn spiegelbeeld in falen van het eigen bejubelde systeem.
Ik miste de vraag en het antwoord op de geringe vrijheid binnen de Nederlandse linkse beweging? Vrijheid om ánders te bewegen of te denken dan wat geoorloofd lijkt? Waarom is het zo een keurslijf, en wordt er met absolutisme geoordeeld? Welke vrijheid is er om jezelf te zijn zonder gewantrouwd te worden?
Deze democratische humanist snakt naar een gesprek over onze vrijheid. Wat is dat en wie of wat begrenst die vrijheid? Door te weten wat je vrij maakt en vrijheid geeft, weet je ook wat de macht is die die vrijheid kan ontnemen. En precies die macht horen we democratisch te beteugelen. In het belang van ons allemaal.
Steun de missie: hou NN vrij en onafhankelijk
Nijmans Nieuwsbriefje is volledig onafhankelijk van uitgeverijen of bemoeienis van bovenaf en bestaat zonder reclames of subsidies, louter op basis van lezers en donateurs. Ik wil dat NN zowel onafhankelijkheid van geest als de vrijheid van meningsuiting hoger in het vaandel voert dan een vaste politieke positie of ideologische kleur.








Een pleidooi voor vrijheid en democratie, in abstracto. Niet geloven in de slechtheid van de mens, besef dat we elkaar nodig hebben. Blijft toch de vraag wat wil je wel en wat wil je niet regelen, en waarom. Ben je met de benodigde tolerantie bereid om enorm intolerant te zijn voor intolerantie. Zoals ik het lees is het een beetje meanderen om het goede te bepleiten, maar hoe houd je het goede in stand?
Een voorbeeld, langzamerhand begint door te dringen dat samenleven met de islam een groot probleem is voor onze westerse cultuur. Het is een ijkpunt voor onze vrijheid of we de beperkingen van de islam buiten de deur kunnen houden. Met dit ijkpunt in mijn achterhoofd zie ik niet hoe deze beschouwing aanknopingspunten biedt onze vrijheid te beschermen.
Wat een mooie column Renske. Dankjewel daarvoor. Ik heb soms het idee dat degenen die het hardst om vrijheid roepen anderen het meest de mond snoeren. Tegenwoordig is het zo “in” om anderen uit te sluiten omdat ze iets vinden wat je niet aanstaat. Je zou toch altijd in gesprek moeten blijven en zien waar je overeenkomsten hebt.