Europese Unie mist volwaardig publiek debat
De ongemakkelijke relatie tussen media en Europese macht
Europese ontwikkelingen hebben invloed op de levens van meer dan 450 miljoen Europeanen. Denk aan de oplopende Franse staatsschuld, de stagnerende Duitse economie, of de ruim een miljoen migranten die recent een verblijfsvergunning in Spanje hebben aangevraagd. Ook de historische impopulariteit van Europese regeringen en regeringsleiders is essentieel om de Europese politiek te begrijpen.
Toch blijft veel Europees nieuws onderbelicht in de Nederlandse media. Een belangrijke reden is dat media vooral nationaal zijn georganiseerd en zich richten op nationale politiek. Daarnaast is de Europese Unie allesbehalve sexy. Wetgeving is technisch, besluitvorming is traag en vol met complexe compromissen, en instituties zijn ondoorgrondelijk.
Bovendien kent de Europese politiek weinig zichtbare conflicten en bekende hoofdrolspelers. Het Europees Parlement heeft geen Geert Wilders en is niet bepaald het toneel van retorische kunde. Daardoor halen debatten over Kamerleden en hun taalgebruik meer voorpagina’s dan Europese wetsvoorstellen die de levens van 450 miljoen Europeanen beïnvloeden.
Dat is een probleem voor de Europese democratie. Media zouden immers een vijfde macht moeten zijn die de regerende macht controleert, kritische vragen stelt en burgers informeert. Journalistieke tegenmacht is des te meer nodig, omdat de macht van de EU groeit. Dat blijkt alleen al uit de hoeveelheid Europese wetgeving. Tussen 2019 en 2024 kwamen er jaarlijks zo’n 130 tot 150 verordeningen en richtlijnen bij, waarvan veel direct in de lidstaten gelden. Een groot deel van de Nederlandse wetgeving komt dan ook voort uit ‘Brusselse’ regels.
Maar hoe deze wetgeving tot stand komt blijft vaak onduidelijk, vooral omdat Europese instellingen weinig aandacht krijgen. Minder Europeanen volgen de plenaire vergaderingen van het Europees Parlement dan dat er Europarlementariërs zijn. Bij de Europese verkiezingen van 2024 waren Bas Eickhout (GroenLinks) en Malik Azmani (VVD) met 11 en 10 procent de bekendste Nederlandse Europarlementariërs. En bij Manfred Weber zullen mensen eerder denken aan barbecues dan aan de machtigste man in het ‘EP’.
Daardoor leverde het slechts weinig media-aandacht op, toen een minderheid in het Europees Parlement, geleid door een weinig bekende voorzitter, twee weken geleden een controversiële wet doordrukte over het scannen van online communicatie door techbedrijven - in de volksmond bekend als Chat Control.
Nog minder transparant is de Raad van de EU waar lidstaten over wetgeving onderhandelen. In Brussel wordt de Raad de ‘zwarte doos’ genoemd: niemand weet wie welke besluiten neemt. Zelfs regeringsleiders worden soms verrast. Zo kreeg dit omstreden ‘Chat Control’-voorstel in 2024 één stem te weinig voor een meerderheid, nadat de Belgische premier er één dag van tevoren achter kwam dat zijn minister van Binnenlandse Zaken vóór wilde stemmen.
Ongemakkelijke relatie tussen Europese macht en media
Hoewel er wel degelijk pan-Europese media zijn die zich op Brusselse besluitvorming en een Europees publiek richten, blijft hun bereik veelal beperkt tot de Brusselse bubbel. Euractiv heeft evenveel unieke maandelijkse bezoekers als De Limburger. Problematischer is dat veel van die Europese media wel erg innig zijn met de macht die ze moeten controleren, in de eerste plaats financieel. Zo deelt de Europese Commissie gemiddeld €35 miljoen per jaar uit aan mediabedrijven om ‘mediapluralisme’ te bevorderen.
Euronews ontving maar liefst €227 miljoen uit EU-gelden tussen 2014 en 2023. Dit feit ontbreekt volledig op de ‘about’-pagina van de nieuwsorganisatie die stelt ‘zonder enige schroom onpartijdig en onafhankelijk’ te zijn.
Ondanks dat de Europese Rekenkamer stelde dat Euronews redactioneel onafhankelijk is, tast de schijn van afhankelijkheid al de geloofwaardigheid van hun berichtgeving aan. Media moeten immers de uitvoerende macht controleren. En binnen de EU lijkt de Europese Commissie het meest op een regering. Als uitvoerend orgaan kan ze immers als enige Europese wetten voorstellen, de begroting beheren, en toezien op de uitvoering van wet- en regelgeving. Stelt u zich de ophef voor, als bekend zou worden dat het kabinet RTL Nieuws of De Telegraaf subsidieert.
De schijn van afhankelijkheid versterken journalisten van Euronews bovendien zelf door hun onkritische journalistiek. Zo mocht Eurocommissaris voor Klimaat Wopke Hoekstra twee maanden geleden in hun talkshow uitgebreid zijn klimaatbeleid uitleggen. Het artikel bevat bijna alleen citaten en noemt als enige kritiek dat het Europese klimaatbeleid te langzaam gaat.
Helaas vormt dit interview geen uitzondering. Zo mocht ook de Maltese Eurocommissaris voor Intergenerationele Rechtvaardigheid, Jeugd, Cultuur en Sport(ja, die bestaat) twee keer aanschuiven. Enkele vragen:
Droomde u ooit van een carrière als profvoetballer?
Bleef u laat op om naar WK-wedstrijden te kijken?
Kinderen in het Jeugdjournaal ondervragen lijsttrekkers voor Tweede Kamerverkiezingen kritischer dan dat Euronews-journalisten Eurocommissarissen bevragen. Door dit gebrek aan kritische distantie en hun financiële afhankelijkheid kan ik de ‘factchecks’ van Euronews over voorstellen van de Europese Commissie moeilijk serieus nemen. Zeker wanneer Euronews daarbij diezelfde Commissie om uitleg vraagt.
Ook POLITICO Europe, het invloedrijkste Brusselse medium, fungeert regelmatig als doorgeefluik voor standpunten van de Europese Commissie en anonieme kritiek van ambtenaren aan lidstaten. Een schandelijk voorbeeld daarvan was berichtgeving in december over de Belgische weerstand tegen het gebruik van Russische financiële tegoeden.
Vlak voor een Europese top waarop een Commissievoorstel hierover werd besproken, publiceerde POLITICO het artikel “How Belgium became Russia’s most valuable asset”. Daarmee wekte het de indruk dat premier De Wever de belangen van Poetin diende. In een ander artikel waarschuwden anonieme ambtenaren à la The Sopranos dat België in de toekomst op minder steun moest rekenen, als het niet akkoord zou gaan.
Had ik al vermeld dat de Europese Commissie regelmatig betaald reclame maakt in POLITICO´s nieuwsbrief Brussels Playbook? Tegelijkertijd geeft POLITICO in human interest-artikelen een menselijk gezicht aan de Europese machthebbers. Want waar kun je de voorzitter van de Europese Commissie Ursula von der Leyen, vier jaar op rij de ‘machtigste vrouw ter wereld’ (volgens Forbes), beter naar vragen dan haar favoriete Eurovisie-nummer?
Wie daarentegen te kritisch wordt, verliest de toegang tot de macht, zo ondervond Euractiv. De berichtgeving van hun journalisten is zichtbaar kritischer dan voorheen, en dat wordt hen niet in dank afgenomen. Ze zijn sinds vorig jaar niet meer welkom bij briefings van de Commissie, waar spindoctors informatie en de gewenste boodschap delen.

Europese Unie mist volwaardig publiek debat
Door dit gebrek aan kritische Europese berichtgeving, in combinatie met de nationale focus van media uit de lidstaten, krijgen EU-politici en beleid niet de kritische aandacht die ze verdienen. Dat verzwakt de democratische controle. Besluiten en wetten zijn immers gebaat bij een kritische analyse van voorstellen, inzicht in besluitvorming, en toezicht op de uitvoering. Zonder die controle hebben burgers minder zicht op de keuzes die in hun naam worden gemaakt en kunnen ze machthebbers minder goed ter verantwoording roepen.
Zo zijn de Green Deal en de AI Act de afgelopen twee jaar afgezwakt. De vraag is of die draai nodig was geweest als er meer media-aandacht en publiek debat over deze plannen was geweest, en meer Europeanen op de hoogte waren geweest van de kosten en baten. En wat zouden Europese belastingbetalers vinden van gezamenlijke schulden, als ze wisten dat tientallen miljarden uit het coronaherstelfonds aan pensioenen zijn besteed, en de Europese Rekenkamer geen idee heeft waar lidstaten tientallen miljarden aan hebben uitgegeven?
Een fundamenteler punt is dat publiek debat nodig is over de vraag wat ‘Europa’ is en wat de Europese Unie al dan niet zou moeten doen. Zoals journalist Walter Lippmann in zijn boek Public Opinion stelde, definiëren politici, media en burgers in wisselwerking wat het publiek belang is. Europese politici, zoals de Franse President Macron, pretenderen geregeld dat zij het alleenrecht hebben op wat Europa, Europese waarden en het Europees belang zijn. U en ik gaan daar natuurlijk ook over. Maar een democratisch debat daarover is alleen mogelijk als Europese burgers eerst weten wat er in Brussel speelt.
Kortom: groeiende Europese macht verdient meer tegenmacht. Ikzelf ontvang geen enkele euro vanuit Brussel. Ik heb geen belang buiten mijn eigen onderbouwde, kritische mening en mijn drang om u te informeren over Europese ontwikkelingen. En ik ben vereerd dat ik dat vanaf vandaag mag doen in Bericht uit Brussel op Nijmans Nieuwsbriefje. Europa is te belangrijk om aan de Brusselse bubbel over te laten.
Geen trek in een doorlopend abonnement? Doe een vrijblijvende donatie:
Naschrift van De Hoofdredactie
U las de eerste bijdrage van Ruben Cober aan Nijmans Nieuwsbriefje. Hij stelde zich hier al eerder voor. Eindelijk een beetje verjonging op NN. En een beetje meer Brussel, want de berichtgeving daarover is te beperkt. Media en de EU staan, zoals hierboven beschreven, bovendien niet in een gezond-kritische verhouding tot elkaar.
Zelf herinner ik me goed hoe NOS-correspondent Chris Ostendorf ten tijde van de eurocrisis verkondigde dat de EU ons allemaal slechts ‘een kopje koffie per dag kost’. Dus wat zeuren we nou, wilde hij de Nederlandse nettobetalers maar meegeven. Die teneur spreekt helaas uit de meeste media.
Daarom hier voortaan tweewekelijks een extra steentje in de vijver. Voor Rubens bijdragen ontvangt NN geen subsidie. We doen het hier allemaal onafhankelijk, op eigen kracht, en met uw zegen.
Zolang de digitale euro betalingen aan onafhankelijke media niet blokkeert, kost die zegen maar dertien cent per dag. Houdt u vast nog genoeg over voor een kopje koffie.
— Bart
of









