“We hebben er met zijn allen de afgelopen tijd een potje van gemaakt”, constateerde Rob Jetten tijdens het debat over ‘de ontstane politieke situatie’, de Haagse werktitel voor de chaos die NSC creëerde door weg te lopen uit een toch al demissionair kabinet. Laurens Dassen had daarentegen vooral zin in 29 oktober, want daarna wordt alles eindelijk normaal. Hij verwacht zelfs voor kerst een nieuw kabinet.
Ooit zat ik aan Politiek24 en Debat Direct gelijmd, zeker bij grote debatten over Belangrijke Dossiers maar tegenwoordig kun je uit een handjevol tweets en de samenvatting op de Paternotte Post wel opmaken: het was wederom het aangluren niet waard.
De afgelopen paar jaar hebben de dames en heren politici dat zelf ook wel in de gaten. Allemaal refereren ze aan “de kijkers thuis”, “de mensen op de publieke tribune” of “de mensen in het land” wanneer ze verzuchten dat anderen in de plenaire zaal er weer eens een potje van maken. Wat dat betreft ademden de woorden van Rob Jetten tenminste een beetje eerlijkheid: hij betrok woensdag óók zichzelf en zijn partij in dat potje.
Het is ook echt een potje. Iedereen benoemt “de problemen waar Nederland voor staat” (en allemaal zien ze verschillende problemen, en bepaalde problemen ook heel erg opzichtig níet) maar niemand draagt geloofwaardige oplossingen aan. Ze motieën een beetje hier en amenderen een beetje daar maar blijven weg van de echte harde dobbers, de splijtzwammen en vooral de licht ontvlambare dossiers (waar in wezen de vlammen al uitslaan). Het smeult in het land, de rookmelders in de Tweede Kamer pikken het op, maar niemand lijkt de brandslang te kunnen bedienen.
Over cruciale kwesties wordt niemand het nog eens, omdat ieders ogen iets anders zien. Genocide, of gijzelaars. Migratiecrisis, of opvangprobleem. Stikstofpaniek, of woningtekort. Alles van waarde balanceert op existentiële verschillen van inzicht.
Op gelegenheidspremier Dick Schoof hoeven we ook niet te rekenen, die durft na anderhalf jaar nog steeds niemand recht in de ogen te kijken wanneer hij spreekt. Zelfs op de meest wilde aantijgingen reageert hij gelaten. Marathonlopers verdelen hun energie zorgvuldig en bewust. Voor ambtenaren is dat ongetwijfeld een goede manier om niet op te branden maar bij een politieke leider, de premier van een land, verlang je naar iemand die een stevige retorische sprint weet te trekken.
Er verscheen deze week wel een veel te lange tweet van zijn hand (c.q. van zijn social media-secondanten) over een gesprek met teleurgestelde moslims, die op het Catshuis hun beklag over vermeende achterstelling hadden mogen doen. Een bilateraaltje met onbeduidende clubjes dat noch de ambtswoning, noch het aantal woorden waard was en daarmee vooral liet zien hoe makkelijk knielende bewegingen in de verkeerde richting worden gemaakt - zelfs door ‘het meeste rechtse kabinet ooit’. De anti-joodse sentimenten onder islamitische medelanders werden in de tweet van Schoof niet benoemd. Aan tafel dus vermoedelijk ook niet.

Het deed me denken aan hoe joodse organisaties bij BuZa na drie kwartier worden weggewuifd. De moslimvertegenwoordigers mogen over een half jaar opnieuw langskomen op het Catshuis, al zat dat uiteindelijk toch ook afhangen van wie daar op dat moment de hoofdbewoner van is. Dat kan overigens nog steeds Dick Schoof zijn, premier van een dubbel demissionair minderheidskabinet van 32 zetels BBB en VVD, in de huidige peilingen samen goed voor zelfs nog minder dan dat.
Ik weet niet wat ze allemaal aan het doen zijn in Den Haag, maar ik ken crowdfunds die een meer solide indruk maken dan wat het landsbestuur aan het doen is.
En dat reflecteert in de peilingen: nog maar 4 procent van Nederland heeft vertrouwen in de politiek. In hoeverre is Den Haag schuldig aan ‘de ontstane politieke situatie’?
Keep reading with a 7-day free trial
Subscribe to Nijmans Nieuwsbriefje to keep reading this post and get 7 days of free access to the full post archives.